In deze blog gaan we dieper in op verrekijkers. Als het goed is weet je al wat het verschil is tussen bijvoorbeeld een 8x25 kijker en een 10x42 kijker (zo niet, lees dan eerst deze blog). Nu gaan we meer in op specifiekere kenmerken van verrekijkers, zodat je niet alleen weet wat het verschil is tussen een 8x25 kijker en een 10x42 kijker, maar ook wat het verschil is tussen een 10x42 kijker van €200,- en van €800,-. Dit doen we door een reeks belangrijke begrippen te bespreken.

Porro- of dakkantkijker?
Een verrekijker gebruikt prisma’s om te zorgen dat je het beeld niet ondersteboven ziet. Je kunt verrekijkers onderverdelen in dakkantkijkers (ook wel roof kijkers genoemd) en porro-kijkers. Zoals je kunt zien zijn dakkantkijkers gestroomlijnder en compacter. Daardoor zijn ze ook veel populairder: er zijn veel meer dakkantkijkers op de markt dan porro-kijkers. De gestroomlijnde vorm heeft nog een voordeel: het is een stuk eenvoudiger om de kijker waterdicht te maken en te vullen met gas. We zien dan ook veel meer waterdichte dakkantkijkers dan porro-kijkers. Toch heeft ook de porro-kijker ook voordelen: je kunt een breder gezichtsveld krijgen en een grotere scherptediepte. En daarbij zijn porro-kijkers vaak goedkoper dan vergelijkbare dakkantkijkers.

Beeldhoek
Ook wel gezichtsveld genoemd. Met de vergrotingsfactor geven we aan hoeveel groter je de vogel in beeld krijgt en met de beeldhoek geven we aan hoeveel je nog naast de vogel ziet. Een grotere beeldhoek is vaak prettig, zeker als je langer door de kijker wil kijken. Maar een te grote beeldhoek wordt heel erg duur of kwalitatief minder goed. De beeldhoek wordt vaak weergegeven in Angle of View (beeldhoek) of Apparent Angle of View (schijnbare beeldhoek). Dit bereken je eenvoudig: stel je hebt een 10x42 kijker met een beeldhoek van 6.3 graden. Dan is de schijnbare beeldhoek 6.3 keer de vergrotingsfactor, in dit geval 10, dus 63 graden. Met de schijnbare beeldhoek geef je aan wat de beeldhoek zou zijn als je niet met een verrekijker keek, maar gewoon veel dichterbij je onderwerp zou staan en dan precies zou zien wat je met de kijker ziet. Sommige fabrikanten benoemen de beeldhoek en anderen de schijnbare beeldhoek. Je kunt aan het getal wel herkennen welke ze bedoelen: een laag getal zoals 6.3 is de beeldhoek en een hoog getal zoals 63 is de schijnbare beeldhoek. Wij geven bij al onze kijkers de 'gewone' beeldhoek aan. Een beeldhoek van rond de 6 graden is mooi. Hoger dan dat wordt het ofwel erg prijzig ofwel je kwaliteit gaat achteruit. Het is namelijk moeilijk om een goede kijker met een brede beeldhoek te maken.

Glas, prisma’s en coatings
Optiek is heel belangrijk bij verrekijkers. Fabrikanten doen er dan ook alles aan om uitstekend glas te gebruiken én om dit aan jou te vertellen.

  • Glas: van nature geeft glas geen foutloos beeld. Door lenselementen te polijsten en te slijpen, krijgen fabrikanten meer controle over het licht: het beeld wordt scherper en bevat minder fouten zoals chromatische of sferische aberratie (felgekleurde randjes langs objecten met een hoog contrast). Door gebruik te maken van extra hoogwaardige lenselementen wordt het beeld zelfs nog beter. Denk hierbij aan Low Dispersion of Extra Low Dispersion elementen. Deze elementen geven minder vervorming en lensfouten, wat zorgt voor een beter beeld
  • Prisma’s: de kwaliteit van je prisma is ook van groot belang. Goedkopere kijkers gebruiken vaak BK7-prisma’s: gemaakt van optisch glas met een hoge lichttransmissie. Maar de prisma’s die als het beste beschouwd worden, zijn de BaK4-prisma’s. Deze prisma’s zijn gemaakt van Barium Crownglas met een nog hogere lichttransmissie en minder donkere randen van het beeld.
  • Coatings: wanneer licht reflecteert, bereikt minder licht je oog en dat is zonde! Door coatings aan te brengen voorkomen fabrikanten onder meer deze reflecties. Ook kan een coating helpen het glas te beschermen tegen vocht, vuil en vingerafdrukken. Je hebt drie niveaus van coating: (1) Coated (tenminste een lenselement heeft tenminste een laag coating) (2) Multi-coated (de lenscoating bestaat uit meerdere lagen en/of is aangebracht op meerdere elementen) (3) Fully Multi-coated (een meerlaagse coating is aangebracht op alle lenselementen)

En het gaat natuurlijk nog verder: er zijn bijvoorbeeld ook coatings voor prisma’s. Let alleen op dat je je niet teveel blindstaart op deze punten. Een kijker met Fully Multi-coated glaselementen is mooi, maar je hebt er vrij weinig aan als het een kwalitatief matige coating is. Deze punten geven een indicatie van het niveau van je kijker, maar niet meer dan dat. Als je echt wil weten of de ene kijker een beter beeld geeft dan de andere, dan kun je ze in onze winkel vergelijken of reviews opzoeken.

Lichtsterkte
Als je de kijker enkel meeneemt op wandelingen op klaarlichte dag, dan hoef je je minder druk te maken om de lichtsterkte. Maar als je graag vogels of andere wilde dieren spot, dan kom je er al snel achter dat ze een stuk actiever zijn in de schemering. En dan is het wel zo prettig als je verrekijker lichtsterk genoeg is om ook met weinig licht nog een mooi beeld weer te geven. Bij de lichtsterkte van verrekijkers zijn drie elementen van belang:

  • Relatieve lichtsterkte: dit getal geeft aan hoe lichtsterk de kijker in theorie is. We kijken alleen maar naar de vergrotingsfactor en de diameter van de frontlens: we delen de diameter van de frontlens door de vergroting, zo krijgen we de uittredepupil en wanneer je hier het kwadraat van neemt, heb je de relatieve lichtsterkte. Hoe hoger dit getal, hoe lichtsterker de kijker. Bij een 10x25 kijker kom je op een relatieve lichtsterkte van 6.25 en bij een 7x50 kijker op een relatieve lichtsterkte van 51. Een simpele vuistregel: gebruik kijkers met een relatieve lichtsterkte van minder dan 15 alleen overdag. Een relatieve lichtsterkte van boven de 50 noemen we echt een nachtkijker.
  • Schemergetal: dit getal geeft weer hoeveel detail je nog ziet in het donker. Je kunt meer details zien door een kijker te gebruiken met een grotere vergroting, maar ook door een kijker te gebruiken met een hogere relatieve lichtsterkte. Schemergetal is wel degelijk iets anders dan relatieve lichtsterkte: daar gaat het om hoe helder je beeld is en bij het schemergetal gaat het om hoeveel detail je nog ziet bij weinig licht. We berekenen dit door de vergroting te vermenigvuldigen met de diameter van de frontlens en hier de wortel van de trekken. Dus bij een 10x25 kijker kom je uit op een schemergetal van 15.8 en bij de 7x50 kijker op een schemergetal van 18.7. Dit ligt al een heel stuk dichter bij elkaar dan bij de relatieve lichtsterkte: de 10x25 kijker heeft weliswaar een stuk donkerder beeld in de schemering dan de 7x50, maar de vergroting van 10x compenseert daar aanzienlijk voor.
  • Lichttransmissie: er is één belangrijk nadeel aan de relatieve lichtsterkte en het schemergetal. Het is theoretisch. Bij verrekijkers is de lichttransmissie ook een belangrijke factor: licht valt aan de ene kant de kijker in en komt er aan de andere kant weer uit. Maar hoeveel licht gaat daarbij verloren? Wanneer een kijker minder goede coatings heeft, verlies je licht door reflectie. Maar ook het gebruik van minder hoogwaardige lenselementen of minder hoogwaardige prisma's kan leiden tot lichtverlies. In praktijk kan het goed zijn dat een zeer goede kijker met een lagere relatieve lichtsterkte toch een helderder beeld geeft dan een matige kijker met een hoge relatieve lichtsterkte. Simpelweg doordat bij de matige kijker veel licht verloren gaat. Het lastige van de lichttransmissie is dat dit niet een getal is wat we kunnen berekenen of wat alle fabrikanten vrijgeven. Het is daarom raadzaam om kijkers in het echt uit te proberen. Bijvoorbeeld in de showroom van Foto Verweij!

Minimale focusafstand
Dit is lang niet voor iedereen belangrijk, maar met verrekijkers kun je ook bijvoorbeeld naar vlinders of andere insecten kijken. Het is dan interessant als je kijker van dichtbij kan scherpstellen.

Weerbestendigheid
Hoe goed kan de kijker tegen verschillende weertypen? Je zou kunnen denken dat een kijker weerbestendig is of niet, maar ook hier heb je verschillende niveaus:

  • Geen kwalificering: kijkers waarbij niet wordt aangegeven hoe goed ze beschermd zijn tegen de elementen, kun je beter niet gebruiken in de regen of op zeer vochtige plekken. Je riskeert dan dat de binnenste elementen beslaan en dat de behuizing beschadigt. Maar let ook op wanneer je bijvoorbeeld op zee bent of op het strand (zand is net zo schadelijk als water)
  • Weerbestendig: deze kijkers zijn beter afgedicht tegen vocht en minder vatbaar voor beslagen lenselementen. Een beetje zachte regen hoeft ook geen probleem te zijn, maar pas wel op bij slechter weer
  • Waterdicht: deze kijkers zijn uitstekend afgedicht tegen vocht. De fabrikant voorkomt dat het vocht de kijker binnen kan dringen. Maar het is nog steeds mogelijk dat er lenselementen beslaan. Zeker in de meest extreme gevallen
  • Fogproof: door de kijkers te vullen met gas kun je voorkomen dat lenselementen beslaan. Deze kijkers zijn ook waterdicht zodat er geen vocht binnen kan dringen en zodat het gas niet kan ontsnappen. De vervolgvraag is dan wat het verschil is tussen stikstofgevulde kijkers en argongevulde kijkers. Dit zijn de twee meest voorkomende soorten gas die gebruikt worden. De meningen verschillen sterk. De theorie is dat argongas beter werkt: de moleculen zijn groter en kunnen daardoor minder goed weglekken. Dit zou een voordeel moeten bieden op lange termijn, maar zoals gezegd, de meningen verschillen

Conclusie
Er zijn dus veel punten waar je op kunt letten bij de aanschaf van een kijker. Je hebt nu goed beeld van de belangrijkste kenmerken en nu is het tijd om te bedenken welke kenmerken je het belangrijkst vindt. Kom je er toch nog niet helemaal uit? Wij adviseren je graag verder: je bent van harte welkom in onze winkel om vragen te stellen en kijkers uit te proberen. Maar ook online staan we voor je klaar: dus neem vooral contact op!