De uitbraak van het Coronavirus is slecht nieuws voor straatfotografen die niets liever doen dan naar plekken gaan waar veel mensen zijn. Maar ook natuurliefhebbers, architectuurfotografen en vele andere fotografen zullen de komende tijd minder naar buiten gaan. In deze blog helpen we je om die tijd door te komen: want dat je meer binnen zit, betekent niet dat je geen mooie foto's kunt maken!

1. Druppelfotografie

Je kunt prachtige close-upfoto’s maken van waterdruppels die in een bak met water vallen. Maak de foto precies op het moment dat de druppel het wateroppervlak raakt. Je kunt hiermee blijven experimenteren: stap 1 is om te zorgen dat je de druppel mooi in beeld krijgt, maar daarna kun je kleurstoffen aan het water toevoegen, een vloeistof gebruiken die iets dikker / stroperiger is en daardoor net anders valt of je kunt werken aan je lichtopstelling, achtergrond, de kleur van het water waar de druppel invalt en ga zo maar door.


Stap 1: de druppel mooi in beeld (Foto © César Couto)


Stap 2: experimenteer met de kleur van de achtergrond en het water (Foto © Rutger van Loo)


Stap 3: ga helemaal los met je achtergrond, de kleur van het water, van de druppel en de vorm van de druppel (Foto © Evgeni Savchenko)

Je kunt dit heel low-profile opbouwen: zorg dat je een bak water hebt, dat je een bron hebt waar druppels uitvallen (bijvoorbeeld een met water gevuld plastic zakje waar je met een speld een klein gaatje in prikt) en een felle lichtbron op het onderwerp.

Wanneer je het maximale eruit wil halen, kun je gebruik maken van een macrolens of een close-upfilter. Dan kom je nog dichter op de druppel en krijg je deze groter in beeld. Ook kun je kiezen voor een continulamp of een flitser voor meer controle over je licht, het gebruik van een statief is zeker ook aan te raden en als je het echt heel bont wil maken, dan kun je zelfs een heuse druppelmachine kopen: daarmee heb je controle over hoe groot de druppels zijn en hoe snel ze na elkaar vallen, maar belangrijker: de druppelmachine kan de camera en de flitser triggeren. Je voorkomt dus dat je de foto te vroeg of te laat maakt: je timing is altijd spot-on!

Tip: zet je camera op handmatig scherpstellen. Steek een potlood in het water op de exacte plek waar de druppels steeds vallen en stel daarop scherp. Als je druppels steeds op precies die plek vallen, zijn ze altijd scherp.


2. Studioportretten

Bouw een kamer in je huis eenvoudig om tot een heuse fotostudio waar je prachtige portretten kunt maken. Dat begint met een achtergrond: kijk of je bijvoorbeeld een mooie, egale muur hebt die als rustige achtergrond kan dienen. Het is belangrijk dat je genoeg ruimte hebt tussen de geportretteerde en de achtergrond (minstens 1 meter). Ook kun je ervoor kiezen om een achtergrond aan te schaffen.


Een portret met een donkere achtergrond en één flitslamp (Foto © Rutger van Loo)


Een creatief portret met de flitser precies achter het onderwerp geplaatst (Foto © Molly Belle)

Dan heb je nog lampen nodig. Dit kun je heel low-profile doen met een felle staande lamp die je vanaf een bepaalde kant laat komen, maar een echte flitslamp heeft altijd voordelen. Een flitser is namelijk veel sterker en daarmee heb je veel meer controle over het licht. Je kunt aan de slag met reportageflitsers, lampstatieven en paraplu’s, maar je kunt ook een kant-en-klare studioset kopen met alles erop en eraan. Let wel altijd even op dat je ook triggers koopt. Bij de meeste sets zitten die inbegrepen. Een trigger zet je op je camera en het moment dat jij een foto maakt, geeft de trigger het signaal door aan de flitser dat deze af moet gaan. Dit kan ook met een kabel.


3. Macrofotografie van alledaagse dingen

Je huis is al snel te klein, maar met macrofotografie is dat geen enkel probleem: je kunt van de meest kleine onderwerpen hele boeiende foto’s maken. Wat dacht je van het fotograferen van een bloemetje die je in de vaas op tafel hebt staan, of bijvoorbeeld van de punt van een balpen? Ook hier geldt: experimenteer eens met kleuren. Doordat alles zo klein is, is het heel eenvoudig om een gekleurde ondergrond te vinden. Leg een bloemetje bijvoorbeeld eens op een rode ondergrond en daarna op een blauwe en kijk wat je mooier vindt.

Wanneer je dit soort foto’s gaat maken is licht ontzettend belangrijk: met een continulamp of een flitsers heb je maximale controle over je licht en kun je de aard van de foto volledig veranderen.


De punt van een balpen. Dit is extreem macro en hiervoor was een macrolens met een tussenring nodig (Foto © Rutger van Loo)


Met een bloemblad kun je leuk met licht spelen. Hier staat een flitser schuin rechtsachter het bloemblad en daardoor valt het licht mooi door het blad heen (Foto © Rutger van Loo)

Je hebt hiervoor het liefst een macrolens nodig, maar goedkopere oplossingen zoals tussenringen of close-upfilters kunnen ook uitkomst bieden. Ook raden we het gebruik van een statief aan: als je een onderwerp zo klein als de punt van een balpen fotografeert en je beweegt per ongeluk een halve centimeter naar voren, dan is je foto op de verkeerde plek scherp. Zet je camera dus op statief, kies handmatig scherpstellen en laat je creativiteit de vrije loop.


4. Productfotografie

Je loopt door je huis en vraagt je af wat je in vredesnaam kunt fotograferen. Neem dan eens een kijkje in je voorraadkast. Een glas wijn met een fles op de achtergrond – daar kun je prachtige foto’s van maken. Of probeer een interessante reclamefoto te maken van die reep chocolade.


Die kan zo op een reclameposter voor Heineken (Foto © Sid Pluijm)


Of wat dacht je van wat fruit als onderwerp voor je foto (Foto © Sid Pluijm)

Hiervoor heb je in principe niets nodig. Toegegeven: met een statief en extern licht wordt het allemaal een stuk eenvoudiger: die continulamp of flitser helpt ook hier om het perfecte licht te creëren voor je productfoto.


5. Maak een schilderij na

Dit heeft wat overlap met portretfotografie of productfotografie, maar het uitgangspunt is anders: zoek een mooi schilderij op dat je redelijkerwijs binnen na kunt maken (dus de Nachtwacht of de Zeeslag bij Terheide vallen af). Bijvoorbeeld een portret of een stilleven. Probeer dit zo goed mogelijk na te maken. Kijk hierbij niet alleen naar de voorwerpen, de ondergrond en de achtergrond, maar kijk ook kritisch naar het licht: is er gebruik gemaakt van hard of zacht licht? En vanuit welke richting komt het licht? Dit kan je helpen om de perfecte foto te maken.


Het meisje met de parel van Johannes Vermeer (fotograaf onbekend)


Je hoeft natuurlijk een schilderij niet letterlijk na te maken, je kunt er ook een creatieve twist aan geven: Son of Man van Margritte (Foto © Juan de Ezcurra)


Conclusie

Opties genoeg dus! En als je na het proberen van deze 5 ideeën nog steeds tijd over hebt, ga dan eens zitten voor het ordenen van je foto’s. Echt zo’n klus waar veel fotografen al jaren van zeggen “dat moet ik echt eens een keer gaan doen.” Dus koop een externe harde schijf en orden je foto’s.

Tip: maak back-ups: zorg dat iedere foto op tenminste twee plekken is, want een externe harde schijf kan crashen en dan wil je niet al je foto’s kwijt zijn. Het liefst op twee verschillende plekken (als je huis afbrandt en je twee harde schijven lagen naast elkaar, dan heb je weinig aan je back-up), bijvoorbeeld eentje thuis en eentje op je werk. Wij zeggen altijd maar zo: je hebt 2 soorten fotografen, fotografen die back-ups maken en fotografen die nog nooit foto’s zijn kwijtgeraakt. Want geloof ons: als dat één keer gebeurd is, laat je het nooit meer gebeuren!